Ondernemersfonds deugt niet!

In de media staan de afgelopen week weer positieve over het ondernemersfonds in Súdwest-Fryslân. Berichten dat ondernemers het ondernemersfonds beter zouden weten te vinden doet geen recht aan het probleem dat achter het fonds schuilgaat.

Het overgrote deel van de kernen wenst niet deel te nemen aan het ondernemersfonds, maar is verplicht daarover jaarlijks te stemmen en de notulen daarvan aan het bestuur van het ondernemersfonds te sturen.

In de plaatsen waar daartoe wel wordt besloten, is daar veelal een kleine meerderheid die bepaalt dat een grote minderheid verplicht wordt via de OZB bij te dragen aan het ondernemersfonds. Dat is de kern waarom de financiering van dit fonds volstrekt verkeerd is. In een democratie hoort de meerderheid juist rekening te houden met de minderheid.

LTO, is verstandig geweest, door agrarische bedrijven de mogelijkheid te bieden de opslag op de OZB op individuele basis terug te vorderen. Los van het feit dat andere ondernemers dat recht niet hebben, worden agrarische bedrijven onnodig belast met de administratie lasten de OZB-opslag terug te vorderen.

Een ondernemer zonder bedrijfspand betaalt geheel niet mee aan het ondernemersfonds, terwijl die ondernemers als lid van een bedrijvenvereniging wel stemrecht heeft en andere ondernemers daarmee kan verplichten om mee te betalen. Eigenaren van een garage box en scholen betalen vrolijk mee aan het ondernemersfonds terwijl dat nooit is gemeld. Voor GemeenteBelangen LokaalTotaal voldoende reden om de regels en financiering van het ondernemersfonds aan te passen.

 

Reactie Ondernemersfonds:

In 2014 en 2015 is een zeer intensief voorlichtingsbeleid over het ondernemersfonds gevoerd. De ondernemersverenigingen, georganiseerd in de Stichting Ondernemers SWF, hebben gezamenlijk geconstateerd dat er voldoende steun voor een ondernemersfonds bij de ondernemers was en hebben op grond daarvan de gemeenteraad verzocht tot facilitering van een ondernemersfonds. In december 2015 heeft de gemeenteraad aldus besloten.

Voor de duidelijkheid: voor alle niet-woningen geldt dat de opslag voor het ondernemersfonds van 0,06% van de OZB-waarde wordt opgelegd. De opslag voor het ondernemersfonds is dus niet alleen voorbehouden aan ondernemers met onroerend goed. Hierop zijn wel enkele uitzonderingen. Zo betalen, onder andere, scholen, kerken en dorpshuizen niet mee aan het ondernemersfonds.

Voor wat betreft deelname aan het fonds doet GBTL aan Chinees rekenen. Het grootste deel van de kernen in de gemeente heeft minder dan 10 niet-woningen die samen goed zijn voor nog geen 2,5% van de totale inleg. Ruim 70% van de beschikbare ondernemersfondsgelden worden inmiddels daadwerkelijk aangewend voor stuwende projecten.

Voor wat betreft besteding van de gelden: Ondernemers(verenigingen) bepalen zélf op democratische wijze of hun kern  geheel of gedeeltelijk meedoet aan het fonds en op welke wijze en aan welke initiatieven de gelden worden besteed. Een uitvloeisel van het fonds is dat de samenwerking en collectiviteit in de deelnemende kernen groeit. De ‘mienskip’ in die kernen wordt daarmee bevorderd. Inmiddels wordt 75% van de beschikbare ondernemersfondsgelden besteed aan stimulering van het ondernemersklimaat in de gemeente, waarvan  in veel gevallen maatschappelijke doelen in die kernen veel profijt hebben.

De retributieregeling was in eerste instantie, conform landelijk beleid, alleen bestemd voor als agrarisch aangemerkte bedrijven. Op aandringen van de gemeenteraad is deze regeling zodanig uitgebreid dat per postcodegebied (dus niet per individuele eigenaar/gebruiker) besloten kan worden of men gebruik wenst te maken van het ondernemersfonds of van de retributieregeling.
En ja, daar waar een ondernemersvereniging actief is bepalen de leden van de ondernemersvereniging of zij al dan niet gebruik willen maken van de mogelijkheden die het ondernemersfonds biedt. Het staat iedere ondernemer vrij om lid te worden van een ondernemersvereniging en daar zijn democratische stem te laten horen. Daar waar geen ondernemersvereniging actief is bepaalt de meerderheid van de eigenaren/gebruikers van niet-woningen in die kern.

Van gemeentewege is destijds al aangegeven dat het niet mogelijk is om categorieën niet-woningen vrij te stellen van de opslag. Dit zou moeten geschieden middels de retributieregeling van het fonds. De administratieve belasting van het opvragen van de retributie bedraagt nog geen 3 minuten per opvraag.

Voor de als agrarische aangemerkte bedrijven en eigenaren/gebruikers van niet-woningen in kernen die tot retributie hebben besloten is het mogelijk deze op te vragen tot 29 december 2017, zijnde de laatste werkdag van dit jaar.

Kees Alberts

Secretaris Stichting Ondernemersfonds SWF


1 reactie

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *