Bolswarder vaart met teveel drank op: 1300 euro boete

LEEUWARDEN/BOLSWARD – Een Bolswarder (51) kreeg maandag van politierechter Klaas Bunk een forse boete: de man moet 1300 euro betalen omdat hij op 28 juni vorig jaar met teveel drank op door zijn woonplaats voer.

De Bolswarder had een alcoholpromillage van 2,0, hij had precies vier keer meer gedronken dan wettelijk is toegestaan. De man voer door de stadsgracht, toen de politie hem sommeerde naar de kant te komen. De Bolswarder zei maandag dat hij bijna thuis was. ‘Ik heb er ontzettend veel spijt van’, voegde hij er nog aan toe.

Hij had uiteindelijk zijn bij de politie afgelegde verklaring niet ondertekend. Daaruit leidde de rechter af dat hij ‘een beetje dwars’ was geweest. ‘Ik had het gevoel dat de agenten mij intimideerden’, antwoordde de Bolswarder. Hij had tegen de politie gezegd dat hij het onzinnig vond dat hij was aangehouden: ‘Omdat ik maar tien glazen bier heb gedronken’.

Het eerste contact met de politie was volgens hem ook al niet vlekkeloos verlopen.

Toen hij het touwtje van de boot aangaf, zou een van de agenten zo hard hebben getrokken dat hij achterover in de boot viel. Tijdens het verhoor zaten drie agenten tegenover hem.

‘Ze waren nonchalant en lacherig, ze deden niet aardig’, aldus de verdachte. Toen er ook nog iets aan de verklaring leek te mankeren, was het vertrouwen in de politie tot het nulpunt gedaald. De Bolswarder had het vermoeden dat de agenten op valreep een fout in de verklaring hadden gewijzigd.

Officier van justitie Petra Hoekstra noemde de Bolswarder ‘een enorm slecht voorbeeld voor anderen’. Varen met drank op is volgens de officier zeker niet ongevaarlijk. ‘Als je overboord valt, kom je niet meer boven’. De officier eiste een boete van 1300 euro, de rechter nam de eis over.

Renze van der Sluis


1 reactie

  1. Het vaststellingsbesluit BPR zegt:
    In de volgende bepalingen van het Binnenvaartpolitiereglement worden onder de bevoegde
    autoriteit eveneens verstaan de ambtenaren van politie die zijn aangesteld voor de uitvoering
    van de politietaak: artikelen 1.10, vierde lid, 1.12, derde en vierde lid, 1.13, tweede en derde
    lid, 1.14, 1.15, tweede lid, 1.17, eerste lid, 1.20, 6.19, zesde lid, en 7.02, derde lid.
    Artikel 1.20 zegt in het kort medewerking verlenen aan de politie.
    Echter om te kunnen verbaliseren moet de politie belast zijn met het toezicht op het water. En dat is de politie op straat dus niet. Bijzonder, dat de OVJ en rechter daar aan voorbijgaan.
    Echter het is goed, dat de persoon van het water werd gehaald. En de boete, ach “wie ‘s-nachts vist, moet overdag de netten drogen”.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *