Ook Pvda swf stelt vragen over ontslagvergoeding ambtenaar

Ook de PvdA in Sudwest-Fryslân heeft schriftelijke vragen gesteld met betrekking tot de ontslagvergoeding van een ambtenaar van de gemeente.

Eerder werd bekend dat de gemeente vorig jaar 208.600 euro  voor een vertrekregeling had betaald aan een ambtenaar uit de gemeente. Dat valt te lezen In het jaarlijkse overzicht van topsalarissen en ontslagvergoedingen van het ministerie van Binnenlandse Zaken. De ontslagvergoeding van de Friese ambtenaar is hierin opgenomen omdat het bedrag boven de landelijke salarisnorm van 178.000 euro uitstijgt.

Om deze reden had Súdwest-Fryslân de vertrekregeling volgens de wet zelf ook openbaar moeten maken. Normaal gesproken gebeurt dat ook, inclusief uitleg in het eigen jaarverslag. De gemeente SWF heeft dit nagelaten. Wel is de vergoeding in de jaarrekening verwerkt ( post personeelskosten). Wettelijk is een dergelijke hoge ontslagvergoeding ‘wegmoffelen’ niet toegestaan.

Een dergelijke vertrekregeling boven de norm van 178.000 euro moet voor elke medewerking, wat zijn of haar functie ook is, apart en expliciet worden uitgelegd.

Volgens het rapport van Binnenlandse Zaken was de betreffende ambtenaar een beleidsmedewerker onder de gemeentelijke directie.

Voor de ambtenaar zou na de gemeentefusie in 2011 geen passend werk meer zijn gevonden. Wat de ambtenaar van de fusiedatum tot en met 2015 heeft gedaan is niet duidelijk.

Toelichting:

Uit de media (LC 24 december jl.) heeft de PvdA vernomen dat een ambtenaar van de gemeente Súdwest-Fryslân, een ontslagvergoeding in 2015 heeft ontvangen van meer dan 200.000,= in verband met vertrek. Ook uit de WNT (Wet normering topinkomens) rapportage blijkt dat er in 2015 afscheid genomen is van een beleidsfunctionaris/loco-secretaris door middel een vaststellingsovereenkomst. De betreffende ontslagvergoeding roept bij de PvdA de volgende vragen op:

1. Op grond van de WTN is de openbaarmakingsgrens voor de ontslagvergoedingen van niet-topfunctionarissen bepaald op € 178.000,=. Uit de WTN-rapportage 2015 blijkt, dat aan een beleidsambtenaar in 2015 € 208.600 is uitgekeerd. In de jaarrekening 2015 van de gemeente Súdwest-Fryslân, is in de bijlage over de WTN, de onderhavige vergoeding niet vermeld en toegelicht.

Wat zijn daarvoor, mede in relatie tot de informatieplicht van het college,  de redenen?

Waarom heeft, in de ogen van het college,  de accountant hiervan geen melding gemaakt? Is de onderhavige ontslagvergoeding in gesprekken me de accountant ook onderwerp van gesprek geweest?

2. Is de overeenkomst tot uitkering van de ontslagvergoeding, door het college vastgesteld of is dit ambtelijk afgedaan?

3. In het krantenartikel wordt gesteld dat er na de herindeling in 2011 geen passende functie voorhanden zou zijn voor de betreffende medewerker, wegens “onverenigbaarheid van karakters”.

Is deze weergave in het krantenartikel op hoofdlijnen een juiste? Zo nee: waarom niet? Wat zijn dan wel de feiten die tot de ontslagvergoeding hebben geleid?

Zo ja:

Welke feitelijke inspanningen zijn de afgelopen jaren door werkgever en werknemer verricht om toch tot het aanvaarden van een passende functie te komen?

De gemeente Súdwest-Fryslân, is een middelgrote gemeente met meer dan 700 arbeidsplaatsen met goede ontwikkel- en opleidingskansen voor medewerkers. Hoe kan het worden verklaard, dat desondanks geen passende functie voor de betrokken medewerker is gevonden en tot deze ontslagvergoeding is gekomen. Wat is de visie van het college daarop? Graag nadere toelichting.

4. Wat is het toekomstig beleid van het college omtrent het verstrekken van ontslagvergoedingen (ongeacht de hoogte daarvan)?

 Graag ontvangen wij de antwoorden op de gestelde vragen binnen de afgesproken termijn.

Namens de PvdA fractie,

 Johan Feenstra

Via Groot Sneek


Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *